Na een paar kannetjes glühwein

Met een paar kannetjes glühwein voor de neus, durven de gesprekken al wel eens vlotjes te gaan. De Oostenrijkers spreken beter Engels, ik waan me plots een rasechtse Deutsche Heidi en dat komt de sfeer allemaal ten goede. Ik vind dat schoon.

Schoon, dat er dan gebabbeld wordt over dingen die niet in de toeristische brochure staan. Over hoe de grootvader van onze gids 13 kinderen kreeg en zij bijna allemaal aan de slag zijn binnen de toeristische sector, want wat moet je anders doen in een bergdorp. Over hoe een lap land van een honderdtal hectare waardeloos is voor landbouw, maar wanneer je er een paar houten constructies op zet, het een goudmijn wordt voor toeristen. Inventief. En lokaal, want alles wordt volledig aangeleverd door lokale mensen. Vrienden van vrienden van de aangetrouwde tante. Commercieel, ja, maar ook wel echt. Zij doen niet mee met Facebook of Twitter, een papieren brochure geprint door de achterneef langs moeder’s zijde is al zot genoeg. Authentiek. Het type mensen dat ongegeneerd de kousen boven de broek draagt, omdat het warm is zo, want hip doen ze niet aan mee. Mensen met namen als Reinhart und Wilhelm, echte Oostenrijkers, opgegroeid met skilatten en wandeltennisraketten. Dat, liefste lezers, geeft Tirol nét dat ietsje meer. Niet de kilometerslange geprepareerde pistes of de fantastische attracties, maar dat authentieke en charmante lokale familiegebeuren, dat verder gaat dan het puur commerciële.

Share this post on Twitter or Facebook.



One Response to “Na een paar kannetjes glühwein”

Leave a Reply