Week 32: over paarse bloemkool en de buffalo’s
Er wordt mij vaak gevraagd of Orion nu al op z’n gemak is in ons nieuwe stekje. Wel, Orion is niet zo’n moeilijk dier als wat ik hier liet uitschijnen. Als hij wat kan liggen en slapen is het beest al lang tevreden. En zeg nu zelf, ziet dat er geen megachill plekje uit voor een kat als Orion?
Ik denk dat ik er nog een paar afzonderlijke blogpostjes ga aan moeten wijden, want het is hier zo ongelooflijk mooi! Als ik even m’n loopschoenen aantrek voor een kilometer of tien te gaan joggen, dan moet ik zo’n 5-tal keer stoppen om m’n camera boven te halen en foto’s te nemen. Zoals hier, tussen de velden.
Maar ook aan bossen is er geen gebrek. Zo loop ik in de laatste kilometer naar huis langs dit gezellige padje (en beklaag ik me voor de zoveelste keer dat het hier zo heuvelachtig is!), recht door het bos en midden in de natuur op slechts enkele kilometers van het centrum.
Een nadeel is dat we geen internet hebben in ons appartement. Hoe het komt weten we niet precies, want het leek wel te werken begin juli, maar in elk geval brengen we nu al zo’n anderhalve week internetloos door. Vandaar dus mijn aanschaf van een bibliotheek kaart, want dat blijkt een uiterst aangename plaats om wat op het gratis Wifi te surfen en in alle rust te werken.
Gelukkig hebben we wel al internet op onze aaifoons. Echt, gelukkig. Want hier blijkt zowat elke zichzelf respecterende dienst een eigen app te hebben. Zo kan ik mijn boodschappenlijstjes op voorhand samenstellen en notificaties krijgen wanneer ik in de ICA maxi langs de rij passeer waar mijn boodschappen staan. Of kan ik via mijn foon een plaatsje in de spinning-sessie van Friskis och Svettis reserveren. Al blijkt de handigste app tot nu toe toch wel die van Google Translate.
Ik had ook al eens verteld over de ongelooflijke variatie in soyasaus in de ICA MAxi. Eigenlijk is het een ongelooflijke variatie in zo goed als alles. ICA maxi is gigantisch! En ze hebben er paarse bloemkool, I kid you not.

Tijdens het joggen kunt ge hier ook al een keer een beestje tegenkomen. Elanden heb ik nog niet gezien, maar wel deze machtige beesten. Als echte Gentenaar kon ik het natuurlijk niet laten om een foto te nemen en stiekem in m’n hoofd te roepen “goooo bufallooooos”







